Zoeken | Contact | Professionals


De grote dichter en wetenschapper Goethe dronk op zijn sterfbed aftreksels van Arnica om de crises in zijn aftakelende lichaam te bezweren. Verzwakt als hij was wist hij toch nog lyrische woorden te wijden aan de plant die volgens hem niet hoog genoeg geschat kon worden en in zijn visie al halverwege de ladder naar de hemel was opgestegen. Het mocht niet baten, want Goethe stierf alsnog (in maart 1832).  

Arnica montana, in het Nederlands valkruid of wolverlei, is bij ons een zeer zeldzame en daarom beschermde plant. Dit overjarige kruid komt hier voor op vochtige heide en hoogveengrond. Haar belangrijkste milieu heeft de Arnica echter in de geurige kruidenweides van het hooggebergte in Europa, waar de kiezelrijke graslanden te vinden zijn, tot op een hoogte van 2500 meter. Noordelijk komt zij voor tot in Zuid-Zweden en naar het zuiden bereikt ze de Pyreneeën. Hoewel Arnica een voorliefde voor kiezel en een afkeer van kalk heeft, groeit zij toch ook in de kalkrijke gebieden van de Jura. Maar die kalk is uitgespoeld door het zure water van de plaatselijke hoogvenen.  

De plant duikt ook op waar verstoringen in het landschap zijn ontstaan, bijvoorbeeld bij puinverschuivingen of lawines en op afgebrande stukken heide, zoals in ons land. Arnica kan massaal opkomen in vegetaties die zijn afgebrand of door militairen bij oefeningen flink zijn beschadigd. Op die plekken lijkt de strenge en stijve vorm van de plant wel een baken in de ordeloosheid om haar heen, alsof zij het verkeer staat te regelen en orde brengt in de wanordelijke omgeving. Deze beeldspraak is niet van gevaar ontbloot, want het is een menselijke projectie op de plant en zijn omgeving. Laten we maar zeggen dat het helpt bij het onthouden van haar genezende werking bij wonden, zwellingen, bloeduitstortingen en verstuikingen. Ook daar is een (kleine) aardverschuiving in het lichaam geweest en kan de Arnica ordenend en genezend ingrijpen en de oorspronkelijke vorm weer herstellen.